44
B. De verspreiding onder invloed van de wereldlijke macht
De wereldlijke macht wordt in onze gewesten in de 9de eeuw vertegenwoordigd door de Karolingers. Om het rijk efficiënt te besturen hadden deze het opgedeeld in graafschappen of gouwen, met aan het hoofd een graaf. Deze laatste stond ondermeer in voor de uitvoering van de capitularia, die opgemaakt werden door de vorst. Vooral ten tijde van Karel de Grote ontstond er een ware vloed van capitularia. Een van deze uitvoeringsbesluiten, het "capitulare de villis", van iets na 800, handelt ook over de wijnbouw. Het achtste artikel van deze verordening is er zelfs helemaal aan gewijd : het stelt dat diegene die de koninklijke domeinen bestuurden, zorg moeten dragen voor de wijngaarden. Zo waren ze verplicht om de wijngaarden ten gepaste tijde te laten bewerken. Ook moest de wijn in goede vaten gedaan worden zodat hij niet zou bederven. Indien de ministeriales de wijn ergens moesten kopen, moesten ze er op letten dat de wijn naar het domein kon worden vervoerd. Er wordt uitdrukkelijk op gewezen dat de wijn, afkomstig van de koninklijke wijngaarden, bestemd was voor eigen gebruik. Eveneens als de in wijn geleverde inkomsten van de domeinen moest de zelf gewonnen wijn worden opgeslagen in de koninklijke kelders. In artikel 48 worden nog enkele bepalingen opgesomd die betrekking hebben op het persen van de wijn. Zo moesten de beheerders van de koninklijke domeinen persen bouwen die voldoende uitgerust waren. Bovendien moesten de wijndruiven op een propere en fatsoenlijke wijze geperst worden. Dit reglement is natuurlijk maar een normatieve bron. Het licht ons niet in over de eigenlijke verspreiding van de wijnbouw. Wel merken we dat Karel de Grote voor de wijnbouw een uitzonderlijke belangstelling aan de dag legde. Deze interesse is niet geheel onverklaarbaar. Wijn was immers gekend als de Romeinse drank bij uitstek. Via de wijnbouw accentueerde de vorst dus ook zijn politieke ambities als erfgenaam van het Westromeinse rijk. Dit politiek streven uitte zich trouwens niet enkel in de belangstelling voor de wijnteelt, maar ook in de belangstelling voor de Romeinse literatuur, in het overnemen van de Romeinse chronologie en in de architectuur, waarvoor Karel de Grote zelfs zuilen en standbeelden van Rome naar Aken liet overkomen. Bovendien was Karel de Grote bij de uitvaardiging van het capitulare de villis nog maar net door de paus tot Keizer gekroond.
Kunnen we op basis van dit document nu stellen dat we de wijnbouw vanaf dan overal aantreffen ? Neen, zeker niet. Wel zien we dat de wijnbouw in de negende eeuw vooral op initiatief van de wereldlijke macht beoefend werd. Zoals we gezien hebben in de voorgaande paragraaf, zijn het trouwens de koningen en de keizers die de abdijen voorzien van wijngaarden. Ook in onze gewesten was de wereldlijke macht haar kerkelijke evenknie voor. Zo was de oudste bekende wijngaard, hoewel vlakbij de Gentse St-Pietersabdij gelegen, vermoedelijk eigendom van de graaf van Vlaanderen. Toch blijven de wijngaarden in onze streken een eerder
45
zeldzaam gegeven. Ook de verdeling van het Karolingische rijk in 843 zou hiervan getuigen. Zo zou men ervoor gezorgd hebben dat de drie gebroeders over wijnstreken konden beschikken. In de "Reginonis Chronicon" wordt het gebied van Lodewijk de Duitser immers als volgt omschreven : "Ludowico vero orientalia, scilicet omnis Germania usque Rheni fluenta et nonnullae civitates cum adiacentibus pagis trans Rhenum propter vini copiam". G.L. Ganshof mag dan al stellen dat de geografische omstandigheden bij de verdeling van het Karolingische rijk in 843 pas in tweede instantie een rol gespeeld hebben, de bronnen laten er in het geval Mainz, Spiers en Worms weinig twijfel over bestaan. De toewijzingsgrond op zich zou niet alleen kunnen wijzen op het belang dat men aan de wijnbouw hechtte, maar ook op de nog geringe verspreiding van de wijnbouw in het algemeen. De ruimste interpretatie van dit gegeven leidt immers tot de vaststelling dat de wijnteelt ten westen van de Rijn en ten noorden van de Moezel nog niet bedreven werd.