Boek InfoVoorbladInhoudDe XIII-maal bedevaart te HakendoverOproep : VolksgerichtenLokalisering van toponiemenKattestraat en KabbeekMoord te Tienen in 1804Carolus VervoortEen Oostbrabants Dialectoloog : J.L. Pauwels.Tentoonstelling WezemaalHof Ten Hove LubbeekEen historische plaatsEen woord over de van Hove'sEen woord over de Stakenborg'sEen van de oudste windmolens van de streekGeen unicumTot slotPastoors, geestelijken en kloosterlingen te HakendoverOproep : Het weer in het verledenKon(d)eminneOverledenGroen landHagelandse woorden : Knoesel, Kroesel en KronselAchterblad
Oostbrabant 1986-2
Oostbrabantse Werkgemeenschap

Een woord over de van Hove's

Het is niet onze bedoeling in dit hoofdstukje de genealogie der van Hove's uit te pluizen. Die genealogie is voorzeker een aparte studie waard. Toch willen we hier het merkwaardige testament van een telg uit dit geslacht niet onbesproken laten. We bedoelen hiermee het testament van Hendrik van Hove, gemaakt in 1281. Dit dokument vermeldt het hof Ten Hove ruim twee eeuwen vroeger dan het leenboek van St.-Geertrui. Bovendien bevat het interessante gegevens over het hof zelf. We lichten er volgende passage uit : '.... dat ik Hendrik van Libbeke, genoemd van Hove, gezond en wel bij zinnen, maak en geef in aalmoes aan mijn zuster Heylwiga 70 kleine Leuvense ponden, aan het kind van mijn broer zaliger, Joannes, 10 ponden van hetzelfde geld, te ontvangen en te houden uit voornoemde hofstede "Hoven", uit de molen, uit de boomgaard, uit de weiden en uit alle andere aanhorigheden van genoemd hof en molen, zoals ik die houdende ben volgens den leensen rechte van mevrouw van Echs...." (3).
Meteen weten we cat in 1281 het Hof ten Hove reeds in het bezit der can Hove's was. Ook bestond er toen een molen bij het hof. Het testament vermeldt verder dat een zuster van de testamentgever, Assela genaamd, religieuze was in het klooster van Gemp. Het is dank zij die instelling dat het testament eeuwenlang bewaard bleef. Uit het testament blijkt nog dat Hendrik van Hove een man van voorname maatschappelijke stand was. Het is zelfs niet uit te slutiten dat hij tot de adel behoorde. Zo werden

(3)
M. de Troostembergh, Oorkonden van Gemp, blz. 87.

74
als uitvoerders, toezichters en getuigen van het testament alle personen van aanzien vermeld : de pastoor van Lubbeek, van Goetsenhoven en zelfs van Jülich, in het Rijnland. Ook een kanunnik van St.-Lambertus te Luik en een van den Calster komen er in voor. Dit onderstreept eens te meer het belang van het hof ten hove.