Boek InfoVoorbladInhoudOnze Lieve Vrouw halfweg te KaggevinneMaurits Verboven wordt 42e abt van AverbodeHet Hagelands Museum te TieltTentoonstelling herbouw kerk PellenbergEen boek over de abdij van AverbodeBrabants woordenboek vraagt medewerkersHeemkundige kring LibbekeOnze Demer en zijn overstromingenBrand te Zuurbemde in 1765Hoegaarden 1000ReklameVragenbusDe vrije lagere jongensschool DiestDiesterse volksmensen : "Jan Pampus"Een boekje over het Hageland en Oost-BrabantDe kapel van alle Lieve Heiligen te DiestEnige kanttekeningen uit het Diesters BegijnhofEen piot in LeuvenHagelandse Woorden : Astreen, en, Fleus en SeffensAchterblad
Oostbrabant 1980-4
Oostbrabantse Werkgemeenschap

290

De kapel van alle Lieve Heiligen te Diest

(En "De Dochter", verkoopster van wassenbeeldjes, "Ex-Voto's" )
De Kapel van Allerheiligen te Diest heeft een bewogen geschiedenis achter de rug, de huidige kapel is de vierde in de reeks. De 1ste kapel werd gebouwd in 1372, boven op de Kluisberg (de huidige Citadel) ten westen van de stad. Samen met de Toeterstoren (1) stond de kapel als een lichtbaken van verre zichtbaar voor de reizigers die Diest aandeden, De kapel werd toegewijd aan "Gods Lieve Heiligen". In 1450 kwam zij in het bezit van de voetbooggilde "De Gesellen van den Rooden Valk", die in de omgeving van de kapel hun jaarlijkse koningsscl:ieting hielden. In de 16de eeuw werd de kapel deerlijk verwoest, en eerst in 1606 werd een aanvang gemaakt met de herstellingswerken die een 10-tal jaren in beslag namen.
Doch de lijdensweg van de kapel was nog niet ten einde. Tijdens de Franse Revolutie, die gepaard ging met de overheersing van ons land, werd de kapel als zwart goed verkocht aan de meest≠biedende. De nieuwe eigenaar sloopte het gebouw gedeeltelijk en gebruikte het als stapelplaats. Na 1815 werd de kapel weer hersteld, doch enkele jaren later op bevel van Willem I, Koning der Nederlanden,voor het publiek gesloten.
In 1854 moest de kapel de plaats ruimen voor een militaire vesting, de "Citadel", doch het zelfde jaar werd de kapel opnieuw opgetrokken tegen de flanken van de Kluisberg; tot op heden bleef de kapel van verder onheil gespaard.
In 1734 werd een bedevaartvaantje vervaardigd met het volgende opschrift :
Vaentjen van alle Godts lieve Heilighen
Kompt en besoeckt tot Diest Godts hoogh verheven vrindenIn allen uwen noodtSoo moogh dij baet hier vinden Godts weerde Moeder Maeght Sal u tot hulpe sijn Met al het Hemels Volck Verlossen van u pijn.


(1)
De Toeterstoren werd op 03.11.1846 door de Genietroepen na 5 ladingen dynamiet neergehaald, om plaats te maken voor een modern militair bolwerk, de Citadel.

291
Bedevaartsvaantje

292
In de Kapel staan meer dan 30 beelden die volgende heiligen voorstellen, zij werden aangeroepen tegen de volgende ziekten en kwalen :
De Heilige man Job - tegen zweren.
De Heilige Gerardus - tegen stenen in de nieren en andere organen.
De Heilige Wivina - tegen maagpijn,
De Heilige Barbara - om een goede dood, en om te helpen sterven.
De Heilige Philomena - tegen wormen en knaagdieren op het veld.
De Heilige Eligius - om de goede afloop bij het veulen der merriepaarden.
De Heilige Hubertus - tegen razernij bij mensen en dieren.
De Heilige Rochus - tegen besmettelijke ziekten en pest.
De Heilige Ursula - tegen het krijsen en ontijdig waterlozen bij kinderen.
De Heilige Maarten - tegen armoede en tegenspoed.
De Heilige Apollonia - tegen tandpijn.
De Heilige Odilia - tegen oogziekten.
De Heilige Antonius - tegen kwalen en ziekten onder de varkens.
De Heilige Brigitta - tegen allerlei veeziekten,
De Heilige Hernardus - tegen verstoptheid of wrong in de darmen bij paarden.
De Heilige Catharina - tegen ringwormen.
Enz. enz.......
Doch laat ons het godsdienstige, folkloristische karakter van Allerheiligen te Diest beschrijven, dat gepaard ging met een jaarmarkt. Toch wil ik de verkopers van wassenbeeldjes of ex-voto's in het daglicht stellen, in het bijzonder ťťn figuur die meer dan 55 jaar zonder onderbreking met de Allerheiligen≠dagen op post was. De begankenis begon op 1 november 's morgens voor de eerste H. Mis, die opgedragen werd in de Kapel, en duurde tot de 9 november na het lof van 15u.00.
"De Dochter", alias Mevrouw Louis PELGRIMS - Maria-Francesca SAENEN, werd geboren te Diest op 02.12.1882 en overleed er op 09.01.1956. Reeds als jong meisje van amper 16 jaar was zij aktief betrokken bij de jaarlijkse bedevaarten naar de Kapel van Allerheiligen. Bijna 60 jaar hield zij deze traditie in ere als verkoopster van ex-voto's; een jaar voor haar overlijden was ze nog een laatste maal van de partij.
In de jaren voor de 1ste Wereldoorlog was 1 november een ware hoogdag voor ons stadje, met zijn jaarmarkt waar allerhande kwakzalvers, liedjes zangers en andere marktkramers hun waren aan de duizenden en duizenden bedevaarders aanprezen, De "Pinberg", de volkse benaming voor de Allerheiligenberg, zag zwart van het volk, dat in dichte drommen moeizaam naar de kapel trok om bij de ene ofandere heilige een genezing of een gunst af te smeken. Bij een der vele verkopers van wassenbeeldjes kochten de bedevaarders een hart, een hoofd, een been, een arm
293
of een dier, in overeenstemming met een bepaalde kwaal of ziekte. De beeldjes offerden zij in de kapel, nadat zij de kleine beeweg (binnen in de kapel) en de grote beeweg (rond de kapel) gedaan hadden. Vroeger werden nog levende dieren en waren in natura geofferd, zoals boter, eieren, kippen, geiten, ja zelfs een paard of een koe, die dan na het lof van 15 uur door de koster aan de meestbiedende verkocht werden.
Even voor de 1ste Wereldoorlog waren er veel verkopers van ex-voto's, die met hun tafeltje vol wassenbeeldjes, tegen de huizen van de Allerheiligenberg opgesteld stonden. Met rijmen en spreuken, poogden zij de bedevaartgangers aan te zetten tot het kopen van ex-voto's. Gewoonlijk stonden zij aan de rechterzijde van de straat, in de volgende orde :
1. Den ouwe Piot
2. Trees Piot
3. Nie Piot
4. Netteke de Stoop
5. Marjan de Beir
6. Rezien van de Meulder
7. Net Wellens
8. Vader Crits en Menke van de kou-eper
9. Lowis Kelkermans
10. De Dochter
11. De zuster van de Dochter
12. Rezien van Sus
13. Teinke Lien van rosse Jan
14. Tille van 't Weverke
15. Moe Melle
In het algemeen kwamen de rijmen en spreuken die door de verkopers van ex-voto's als een paternoster afgerammeld werden, ongeveer op het volgende neer, in het Diesterse dialekt :
Kom ins hie baoske
moette ga nikske offere in de kapel
ne erm of e bie-en,
en hu-et of en hÍt
en oe-eg of en hand
en koei of e kalf of ne mond vol tande
kom ins hie en vraogt tog ins
na er is niks of et is er
van minse en bie-este
me e klaan zedder van taat
me e groe-et g'holpe
ich zal alles zelf binne-draoge.

294
Mevrouw Louis-Antoon PELGRIMS - Maria-Francesca SAENEN, alias "De Dochter", į 02.12.1882 + 09.01.1956 (foto rond 1946)
Mevrouw Louis-Antoon PELGRIMS - Maria-Francesca SAENEN, alias "De Dochter", į 02.12.1882 + 09.01.1956 (foto rond 1946)
Kom eens hier, baas,
moet gij niets offeren in de kapel,
een arm of een been
een hoofd of een hart,
een oog of een hand,
een koe of een mond vol tanden
kom eens hier en vraag eens,
nu, er is niets of het is er,
van mensen en beesten;
met een klein zijt u van tijd
met een groot geholpen
of moet u geen kaarsje aansteken in de kapel,
ik zal het zelf naar binnen dragen.

295
Het officieel rijmpje :
Allee Baaske och Pachteske
moet'r niks koeŽpe
veur 't offere in de kapel?
'n hoeŽt (hoofd) och 'n hÍt (hart),
'n erm och e biŽn
ne mond vol tanden,
koei, kalf, verke, oeŽge (ogen) och hande
kinderen, mannen och vrouwe,
kiekes och konijnen
peÍde och veule,
beŻste (borsten), ruggestrank (wervel), och eŽsderm
och e bougieke van fechtig (50) centieme
ich zal 't zelf indraoge
met en klein zijd're groeŽt geholpen.
De lezer zal een vergelijking kunnen maken tussen het officiŽle en het volkse rijmpje, dat in een tijdspanne van 50 jaar een grondige wijziging onderging.
De woensdag van Sinte-Nijs-Kermis (2), de tweede week van de maand oktober, gingen de verkopers van ex-voto's naar de kapel op de Allerheiligenberg, waar zij van de koster de nodige wassenbeeldjes konden kopen. De aankoopprijs voor de 1ste Wereldoorlog bedroeg 2 centiemen, de verkoopprijs aan de bedevaartgangers varieerde van 5 tot 10 centiemen, Na 1919 was de prijs reeds flink gestegen tot 50 centiemen aankoopprijs en van 3 tot 5 frank verlcoopprijs, doch na de 2de Wereldoorlog steeg de prijs zienderogen en bedroeg hij 10 frank aankoopprijs en 30 frank verkoopprijs,
De "commerce" van wassenbeeldjes floreerde en de verdiensten waren zeer goed. Maar er zijn altijd slimme mensen geweest, die door het ene of het andere foefje hun verkoopcijfer deden stijgen.
Zo was er een vrouw die reeds jaren ex-voto's verkocht aan de bedevaartgangers, in 't bijzonder aan de buitenmensen, die zich in dichte drommen rond het tafeltje van deze vrouw schaarden, Haar verkoopcijfer was het dubbele in vergelijking met de andere verkopers. "De Dochter" vond dit zeer eigenaardig, daar het tafeltje van deze vrouw op een minder goede standplaats stond opgesteld. Het jaar nadien was de vrouw wegens zekere omstandigheden afwezig en vele bedevaarders kwamen aan "De Dochter" vragen, waarom die arme weduwe met haar vele kinderen er niet was. "De Dochter" was verontwaardigd over zoveel lef van haar konkurrente, aangezien deze vrouw geen weduwe was en toch niet zoveel kinderen had. Maar in "commerce" zijn alle middelen toegelaten om de verkoop te stimuleren.
Sommige verkopers van ex-voto's beloofden aan de kopers dat zij persoonlijk het offer naar de kapel zouden dragen, doch geniepig wierpen zij de wassenbeeldjes in een mand die onder hun tafeltje stond. Deze bedriegerij kwam spoedig aan de weet en de bedevaartgangers liepen gewoon deze verkopers voorbij en kochten hun offergave bij eerlijke mensen.


(2)
Sint Dyonisius.

296
"De Dochter" had nog andere pijlen op haar boog, zij richtte ook bedevaarten in, voor 1940 met de trein en na 1945 met de autobus .
naar Sint-Michiel te Messelbroek, voor hoofdpijnen;
" Sint-Dymphna te Geel, voor zenuwziekten;
" Broeder Isidoor, te Kortrijk;
" de Heilige Bloedprocessie te Brugge;
" Echternach in het Groothertogdom Luxemburg;
" de Heilige Drie Gezusters, namelijk de H. Genoveva te Zepperen, de H. Bertilia te Brustem, de H. Eutropia te Rijkel,en de H. Moeder te Gelmen. Voor genezing van stuipen bij kinderen en tegen bloedverlies en bloedarmoede. Deze Heiligen werden in de Kapel van Allerheiligen vereerd met hun beeltenis.
Over de bedevaart naar de H. Drie Gezusters wil ik een anekdote vertellen. Als de autobus de laatste bedevaartgangers te Webbekom had opgepakt, begon "De Dochter" met haar gebeden-litanie, die altijd in de volgende zin verliep :
"In de Naam des Vaders, en des Zoons en des Heiligen Geestes, Amen.
Onze Vader die in de Hemelen zijt, geheiligd zij Uw naam .... Wie moet er gekookte eieren hebben bij Trees in Brustem? .... Ons toekome Uw rijk, Uw wil geschiede op aarde zoals in de Hemel ...... en wie moet er allemaal koffie hebben, steek de hand omhoog (na de telling ging zij verder) ... Geef ons heden ons dagelijks brood ... Na de bedevaart stoppen wij op de Grote Markt van St.-Truiden, niet langer dan 30 minuten .... en vergeef ons onze schulden .... enz. enz.
Meer dan 25 jaar, op iedere zon- en feestdag was "De Dochter" present in de St.-Sulpitiuskerk, waar zij de koster een handje toestak bij het ophalen van het stoeltjesgeld in de missen. Maar hoe geraakte Maria-Francesca SAENEN aan haar toenaam "De Dochter"? Een van haar tantes, die kinderloos gebleven was, had graag dat zij bij haar voor enige dagen kwam logeren. Dan vertelde tante tegen de buren : "de Dochter is er weer om enkele dagen te logeren". En het is de Dochter gebleven voor haar ganse leven.
Vertelster : Louisa PELGRIMS. Bron : Stadsarchief Diest ; Een folkloristische kijk op de Allerheiligen Kapel te Diest van R. VAN WEDDINGEN, in De Diestersche Kuntskring, 1ste jaargang, blz. 16 tot 30.
Frans LOIX
Diest