106
HET MILITAIRE VLIEGVELD VAN VISSENAKEN
(zie De geschiedenis van het militair kwartier "Depot Vissenaken" door Commandant J.V. MACHIELS, Mob, Kern 25/3, St.-Pietersstraat 3307 TIENEN-VISSENAKEN)
Buiten de vliegvelden van EVERE, NIJVEL (NIVELLES), GOETSENHOVEN, BIERSET en SCHAFFEN werden geheime veldterreinen aangelegd voor de militaire luchtvaart. Bij alarm dienden de escadrilles paraat te zijn om onmiddellijk naar hun veldterrein over te vliegen. Voor het grondpersoneel schiep dit een groot probleem : dat diende te volgen per spoor, per vrachtwagen (het materieel), per fiets of zelfs te voet.
In september 1939 begon de militaire luchtvaart met de uitbreiding van de veldterreinen. Alle terreinen waren "geheim"! De werken op het veldterrein VISSENAKEN werden beëindigd op 8 januari 1940; dat veldterrein kreeg het nummer 23 toegekend door een persoonlijke en geheime nota van het 1ste Bureau van de Staf van de Militaire Luchtvaart.
Terrein nummer 23 was geboekt met de volgende kenmerken : "ongeveer duizend bij duizend meter, gelegen op 3 kilometer NOORD-NOORD-WEST van TIENEN, militair terrein, beëindigd, in goede staat, goed gedraineerd, goed vlak, past voor jachtgroep." Zelfs op de steekkaarten van "L'Armée de l'Air" (VINCENNES) stond het geboekt onder nummer 49. Uit het Frans vertaald komen de gegevens neer op het volgende :
Algemene toestand :
- gelegen op 4 kilometer NOORD-WEST van TIENEN op het grondgebied van VISSENAKEN,
- effen terrein, zandige grond,
- de grond is in cultuur gebracht;
Toegangen :
- weg TIENEN-St.-JORIS-WINGS ; kasseiweg over 5 km,
- toegang tot terrein : verharde weg, breedte 4 meter, loopt uit op een zandweg , het zou beter zijn een nieuwe weg op een andere plaats aan te leggen,
- spoorweg TIENEN-LEUVEN : dichtsbijzijnd station is TIENEN,
- spoorwegaansluiting : niets,
- buurtspoorweg : niets,
- bevaarbare waterweg : niets;
Bezetting :
- jachtgroep, verkenning, waarneming, bombardement,
- past als basisvliegveld;
| (1) | Het betreft de huidige Heidestraat. |
107
Bevoorradingen :
- water : voldoende, putten in huizen in nabijheid van de Velp,
- materialen : niets,
- gereedschap en vervoermiddelen : het dorp VISSENAKEN;
Werken :
- nivelleringen, aanaarding van enkele wegen, omhakken van een vijftigtal bomen, aan de zuidkant, neerwerpen van enkele hagen en omheiningen,
- duur van de werken : 8 dagen.
(Bron : Wir suchen den Feind van Hauptmann Heinz Pape, verkregen bij het Centrum Identificatie Militaire Vliegwezen, Kortenberglaan 79/81, 1040 Brussel, door bemiddeling van Cdt. J.V. Machiels)
108
Aan welke escadrilles werd het veldterrein nummer 23 van VISSENAKEN toegewezen? Hiervoor volgt eerst een kort overzicht van de organisatie van de Militaire Luchtvaart.
Zowel de Militaire Luchtvaart als de Grondverdediging tegen Luchtvaartuigen (de luchtafweerartillerie) waren verenigd onder éénzelfde bevelvoering : het Commando van de Luchtverdediging van het Grondgebied (D.A.T.: la Défense Aérienne du Territoire). Dat commando stond onder bevel van Generaal DUVIVIER.
De Militaire Luchtvaart was onderverdeeld in :
- een Staf,
- het 1ste Luchtvaartregiment (le 1er Régiment d'Aéronautique),
- het 2de Luchtvaartregiment (le 2ème Régiment d'Aéronautique),
- het 3de Luchtvaartregiment (le 3ème Régiment d'Aéronautique),
- een Groep Hulptroepen (Groupe de Troupes Auxiliaires).
Bij het uitbreken van de oorlog op 10 mei 1940 was de Staf van het 2de Luchtvaartregiment gekantonneerd te VISSENAKEN. Dat regiment, onder bevel van Luitenant-Kolonel Baron de Woelmont, omvatte DRIE Groepen jachtvliegtuigen. Elke Groep bestond uit DRIE escadrilles waarvan één op park.
Het veldterrein nummer 23 was toegewezen aan de TIIde Groep (onder bevel van majoor DE BOCK) van het 2de Luchtvaartregiment. De IIIde Groep was gestationeerd te NIJVEL en omvatte de 5de Escadrille (kapitein BOUSSA) en de 6de Escadrille (kapitein D'HOORE). De benamingen van die escadrilles worden als volgt afgekort : 5/III/2 Aé en 6/III/2 Aé.
De smaldelen van de IIIde Groep hadden de beschikking over 19 jachtvliegtuigen van het type Fairey-Fox met motor Hispano. Oorspronkelijk opgevat als tweezitter, waren ze omgebouwd tot éénzitters. Ze konden een snelheid van 280 à 300 km per uur bereiken en waren uitgerust met twee mitrailleurs aan de voorkant; de mitrailleur aan de achterkant werd voor andere doeleinden gebruikt.
Hoewel op 9 mei 1940 's avonds de alarmtoestand opgeheven werd, kregen de escadrilles diezelfde nacht nog het bevel bij het eerste ochtendgloren op 10 mei 1940 op te stijgen en zich bij hun veldterrein te vervoegen.
De 5/III/2 Aé bevond zich sinds 9 mei 1940 te SCHAFFEN om te zamen met andere smaldelen aan oefeningen in het kamp van LEOPOLDSBURG deel te nemen. Deze escadrille verliet op. 10 mei 1940 om 04u00 het vliegveld SCHAFFEN en vloog over naar het veldterrein VISSENAKEN.
Gelukkig was zij het eerst opgestegen, want een half uur later (om 04u32) werd het vliegveld SCHAFFEN door de Duitsers gebombardeerd.
| (2) | Bij Koninklijk Besluit Nr. 9269 van 7 mei 1921 kreeg het Militair Vliegwezen de benaming "Militaire Luchtvaart" (Aéronautique Militaire), die op 1 maart 1920 gevormd was door samensmelting van de Militaire Luchtscheepvaart (Aérostation Militaire) en van het Militaire Vliegwezen. |
109
Nauwelijks geinstalleerd te VISSENAKEN kreeg het smaldeel om 06u30 bevel zich gereed te houden om op te stijgen. Drie pelotons van elk drie vliegtuigen van de S/III/2 Aé vertrokken om voor hun eerste oorlogsopdracht. Een uur later waren zes vliegtuigen weer geland; alle hadden min of meer zware schade opgelopen door granaat- en kogeltreffers. De negen toestellen waren op elf Duitse Me-109-jagers gestoten,
En ontbrekende drie toestellen?
De heldhaftigheid en offervaardigheid van deze drie piloten bekroonden de moed en het plichtsbesef van de S/III/2 Aé.
Ondanks hun numerieke minderheid vielen Luitenant DUFOSSEZ en de 1ste sergeant DETAL een overmacht van de veel betere Duitse jagers aan boven de streek van BORGLOON. Het toestel van ste sergeant DETAL werd in brand geschoten. De piloot was genoodzaakt eruit te springen en kon zich met zijn valscherm redden. Hoewel zwaar verbrand behield hij toch het leven.
Luitenant DUFOSSEZ vocht alleen verder en wist een vijandelijke jager het lot van zijn 1ste sergeant DETAL te doen delen. Ondanks het in brand schieten van zijn Fairey-Fox, bleef luitenant DUFOSSEZ verder vuren totdat zijn vliegtuig uiteenspatte. Zijn parachute opende niet volledig en de moedige piloot sneuvelde in een boomgaard te HERTEN.
Op zijn eentje viel onderluitenant BREL een groep Duitse bommenwerpers aan. Na een langdurend luchtgevecht boven MONTENAKEN werd zijn toestel geraakt en stortte neer. Hij sprong er nog uit, maar te veel kogeltreffers waren in zijn parachute terecht gekomen; het valscherm ontrolde onvoldoende om zijn val te breken.
Balans voor de S/III/2 Aé op 10 mei 1940 : twee officierenpiloten gesneuveld, één onderofficier-piloot zeer zwaar verbrand, drie jagers Fairey-Fox totaal vernield, één vijandelijk toestel neergehaald.
De andere escadrille van de IIIde Groep, de 6/III/2 Aé, was op schietoefening op het vliegveld ZOUTE bij KNOKKE. Op 10 mei 1940 rond 05u30 vlogen 12 toestellen van de 6/III/2 Aé over naar hun veldterrein te VISSENAKEN. Even later werd het vliegveld ZOUTE gebombardeerd door de Duitsers.
Beide smaldelen waren dus op 10 mei 1940 verenigd te VISSENAKEN. Buiten de eerste oorlogsopdracht van de S/III/2/ Aé voerden twee vliegtuigen van die escadrille, aangevuld met een toestel van de 6/III/2 Aé, vanaf haar veldterrein nog een begeleidingsopdracht uit. Deze opdracht verliep zonder incidenten op 11 mei 1940.
Op 11 mei 1940 rond 15u50 bombardeerden de Duitsers het veldterrein van VISSENAKEN. Na het bombardement konden vijf toestellen van de 5/III/2 Aé niet meer opstijgen; de andere vlogen over naar AALTER. De 6/III/2 Aé liet een vijftal toestellen bijna intact in handen van de Duitsers vallen, De staf van het regiment verliet eveneens VISSENAKEN.
Maar hoe zagen de Duitsers de inname van het veldterrein van VISSENAKEN ? Een Duitse kapitein met zijn korporaal-chef
| (3) | Uit "Wir suchen den feind". |
110
voerde een verkenningsvlucht uit aan boord van een Storch. Zij zochten een landingsterrein dat dichter bij LEUVEN lag. Bij het overvliegen op lage hoogte van de weg DIEST-ST.-JORIS-WINGE diende het Storch-toestel uit te wijken naar het ZUIDEN ten gevolge van het hevige luchtafweergeschut. Zo kwamen zij boven het veldterrein van VISSENAKEN, waar ze negen toestellen zagen staan. Buiten een groep Duits voetvolk in opmars naar VISSENAKEN zagen ze niemand.
De Storch dook in glijvlucht en landde. De kapitein vuurde enkele salvo's in de richting van een loods,vooraleer er binnen te gaan. Alles getuigde van een wanordelijke vlucht. Buit voor de Duitse kapitein en zijn korporaal-chef : negen onbeschadigde Fairey-Fox-toestellen, een grote hoeveelheid dienstbaar materieel en enkele vrachtwagens. De Duitsers draalden niet om versterking bij te halen en het veldterrein VISSENAKEN in gebruik te nemen.
J.V. MACHIELS
Vissenaken