1. Schaffen 10 mei 1940 :
Het Belgische leger was reeds sedert september 1939 gemobiliseerd. De mobilisatie drukte fel op het moreel van de troepen. Op het vliegveld te Schaffen heerste er een drukte van belang, bijna 50 percent van de Belgische militaire vliegtuigen was te Schaffen ondergebracht. Het meerendeel van deze toestellen waren, moderne jachtvliegtuigen.
Op 7 mei 1940 werd er een algemeen alarm afgekondigd, niemand mocht de kazerne verlaten en alle vliegtuigen werden in gereedheid gebracht. Het bewuste alarm van 7 mei duurde tot 9 mei te 10.30 u. in de voormiddag; toen nam alle bedrijvigheid weer zijn gewone gang en de manschappen mochten na het eindigen van de dienst de kazerne verlaten. De piloten maakten van deze gelegenheid gebruik om er een avondje uit van te maken in Diest.
Zo naderde 10 mei 1940. Rond 3.00 u. in de nacht werd er alarm gegeven, alle militairen dienden zich onmiddellijk naar hun kwartier te begeven. Alle vliegtuigen werden netjes voor de hangars op een rij gezet en al het nodige werd gedaan om rond 4.00u. op te stijgen, Het escadrille van kapitein-vlieger BOUSSA zou om 4.00u. als eerste vertrekken met bestemming .,X... ergens in de omgeving van St.-Niklaas. Een peloton GLOSTERS onder het bevel van kapitein-vlieger GUISSAND zou 20 minuten later het, luchtruim kiezen en kapitein-vlieger GERARD zou 5 minuten later volgen.
Alles stond klaar en de piloten en manschappen wachtten met ongeduld op het bevel "STARTEN". De handelingen verliepen zoals op een oefening, volgens het reglement, in orde en tucht. Niemand was er zich van bewust dat enkele minuten later het onvermijdelijke zou gebeuren en verschillende mannen de dood zouden ingaan. Even na 4.00u. vliegen op grote hoogte enkele formaties vliegtuigen over het vliegveld van Schaffen. De piloten waren van mening dat er ergens boven het Kanaal een luchtgevecht gaande was tussen de Engelse en de Duitse luchtmacht. Ons land was neutraal gebleven bij de gebeurtenissen die de laatste vijf jaar elkaar in Europa
89
opvolgden.
Dan naderde het fatale uur, 4,32u.! Uit de richting van Engsbergen (Tessenderlo) komen, laag over de bomen scherend, drie zware tweemotorige bommenwerpers, die de klaarstaande rij vliegtuigen beschieten. Enkele ogenblikken later volgt een groep gevechtsvliegtuigen, die alles onder vuur nemen en dood en vernieling zaaien. Het regent brandbommen, de kogels fluiten sissend in het rond. Enkele minuten later is het grootste deel van de Belgische vliegtuigen vernield of onklaar gemaakt. Hier en daar staan loodsen en gebouwen in brand, gewonden roepen om hulp, er heerst een verwarring zoals onze luchtmacht er nog nooit een beleefde.
Dan verschijnen er groepen bombardementsvliegtuigen op een hoogte van 2000 meter en bombarderen het vliegveld. Wat tien minuten tervoren gespaard was gebleven, werd nu vernietigd, het werk was netjes opgeknapt, onze luchtmacht ging in Schaffen ter ziele. Om 5.30u, volgde nog een groep vijandelijke bombardementsvliegtuigen, die de overgebleven restjes voor hun rekening namen.
Van al de vliegtuigen bleven twee fíurricanes en drie Glosters onbeschadigd over, de rest was een puinhoop of niet meer vliegklaar.
In zijn boek Strijd in de Lucht vermeldt Jan DELAET het volgende : "Twee Hurricanes stijgen nog op, met resp. kapitein VAN DEN HOVE d'ERTSENRIJCK en piloot JACOBS. Twee Glosters (adj. WEGNA en JANSSENS) volgen weldra de Hurricanes. Een derde Gloster verlaat ten slotte het vliegveld met piloot LELARGE aan boord". Aangaande kapitein-vlieger VAN DEN HOVE d'ERTSRIJCK, vermeldt Jan DELAET nog het volgende : "Later, bij het overvliegen van het vliegveld van Evere, aarzelde deze piloot niet een formatie van negen bommenwerpers aan te vallen. De vernietiging van een vliegtuig door deze moedige piloot, werd nooit officieel bevestigd. Zijn heldendaad werd door verscheidene getuigen bevestigd".
Doch laten wij een ooggetuige aan het woord, die alles meemaakte op die 10 mei 1940 : ".... ik keer me om en hoor sergeant-speciast N. roepen buiten op het plein, "Maak dat ge weg komt, ze zijn al daar!" Naar buiten rennen .... 't was al te laat, want het gerekketeketek van de mitrailleuzen weerklinkt reeds. Dan maar het werkhuis in. Ik bevind me daar alleen. Ik heb geen schrik en op mijn dooie gemak kijk ik eens rond, zoek 'n goede plaats en leg me neer in een hoek van het werkhuis. Hier kan geen kogel me raken.
Het schieten houdt op. Nu gauw naar buiten ... Op dit ogenblik hoor ik een gefluit en de eerste bom slaat in. Bom na bom eksplodeert, sommige dichtbij. Na een tijdje nemen de ontploffingen af. Ik keer mijn hoofd een weinig naar links. Op dat ogenblik nadert een gefluit, ik draai mijn hoofd terug en .... voel me sterven ... en ik verloor het bewustzijn". (1)
Een andere ooggetuige vertelde mij het volgende : "Alle vliegtuigen stonden netjes op een rij, zoals in een schietkraam op kermis, maar dan in 't groot. Ik heb nooit zo iets mee gemaakt, het was verschrikkelijk".
De vliegtuigen waarover ons leger kon beschikken vóór 10 mei 1940:
90
Een totaal van 68 moderne toestellen
- Fairey-Battles 14 )
- Glosters 13)
- Fiats 30 )
- Hurricanes 11)
- Verouderde toestellen 162, o.a. Fairey-Fox, Fairey-Firefly en Fairey-Hispano. Een algemeen totaal van 230 vliegtuigen, waarvan meer dan de helft op 10 mei 1940 buiten gevecht werden gesteld.
- Daarentegen kon het Duitse leger gebruik maken van 4500 moderne vliegtuigen, en had het voordeel van de verrassingsaanval. Het werd een spel van kat en muis.