Boek InfoVoorbladInhoudVeertig jaar na '40Een Duitse versieDiest op 10 mei 1940mei 1940 te DiestMei 1940 in Webbekom en AssentVergissingKersbeek en omgevingMilitaire vliegveld VissenakenBelgische en Duitse tijdVliegveld Goetsenhoven 1940Meidagen in zuid-oost HagelandEen AnekdootjeVluchtMei 1940 NeerhespenErgens te veldeDe oorlog in het LandenseTienen en omgevingVrijdag 10 meiZaterdag 11 meiZondag 12 meiMaandag 13 meiDinsdag 14 meiWoensdag 15 mei.Donderdag 16 meiVrijdag 17 mei.Zaterdag 18 meiZondag 19 meiMaandag 20 meiDinsdag 21 mei.Woensdag 22 meiDonderdag 23 meiVrijdag 24 meiZaterdag 25 meiZondag 26 mei.Maandag 27 meiDinsdag 28 mei.TesteltTentoonstelling Heemkunde in BrabantMobilisatie RillaarAarschot vluchtHouwaartSt.-Pietersrode en Kortrijk-DutselVerbeteringMeidagen 1940 HolsbeekDe meidagen '40 in LeuvenAverbode in 1940SchoonderbukenAchterblad
Oostbrabant 1980-2
Oostbrabantse Werkgemeenschap

Dinsdag 28 mei.

Om de volledige vernietiging van zijn leger en de uitmoording van 1.600.000 burgers te sparen, besloot de koning tot de kapitulatie. België en zijn volk hadden meer dan hun plicht gedaan, Op 28 mei te vier uur in de morgen, werd de onbillijke strijd gestaakt. Een strijd waarin nogmaals bewezen werd dat ons volk een volk is van helden, zo zal de geschiedenis het ook leren aan de nakomelingen. Het fort van Pépirister, het laatste van de vesting Luik, hield nog 30 uren na de kapitulatie stand.
Al te vaak maar werd ons leger en zijn leiding met blaam besmeurd door hen die er baat bij hadden of er niet bij waren. De aftocht was uitsluitend toe te schrijven aan de vijandelijke overmacht, de kracht van nieuwe wapens, het verraad, de geringe voorbereiding van de geallieerden, de valse belofte van Hitler te München gedaan, het falen van het 2e Franse Leger en de slechte verstandhouding onder de geallieerden, ten gevolge van de heersende paniek,
Niet het minste verwijt mag hieromtrent de Belgische soldaten treffen, die meer dan hun plicht hebben gedaan, terwijl Koning Leopold-III gehandeld heeft naar eer en geweten, in het spoor van zijn vader, de Ridder-Koning, ondanks de verraders die hem omringden.
Toen op 28 mei de droeve mare ons bereikte, dat België had gekapituleerd voelden wij ons allen verslagen, zwaar viel het,
135
oneindig zwaar. Maar versagen zouden wij nooit. Zo luidde de wet die ons hart ons oplegde. Wij zouden niet buigen onder het vijandelijk juk, elk ogenblik moesten wij het aan de laffe indringer duidelijk maken, dat een Belg de slavernij niet dulden kan. Hoewel de mare ontzaglijk op ons gemoed drukte, toch bleef een onuitdoofbare vlam, een heerlijke vlam van hoop, ons beroeren. Strijden zouden wij met al onze middelen, met geheel ons hart, om de verloren vrijheid te heroveren. Het leger was dood, een nieuw leger trad aan, een leger dat werken zou in het duister misschien, maar met een doel voor ogen "België weer vrij maken". Dat waren de symptomen van de eerste weerstand, die een nieuwe episode zou inluiden, in een gruwelijke oorlog, die vijf jaren duren zou, maar eindigen met de totale en onvoorwaardelijke overgave van het Dritte Reich.
H. VAN NERUM