Boek InfoVoorbladInhoudVeertig jaar na '40Een Duitse versieDiest op 10 mei 1940mei 1940 te DiestMei 1940 in Webbekom en AssentVergissingKersbeek en omgevingMilitaire vliegveld VissenakenBelgische en Duitse tijdVliegveld Goetsenhoven 1940Meidagen in zuid-oost HagelandEen AnekdootjeVluchtMei 1940 NeerhespenErgens te veldeDe oorlog in het LandenseTienen en omgevingTesteltTentoonstelling Heemkunde in BrabantMobilisatie RillaarAarschot vluchtHouwaartSt.-Pietersrode en Kortrijk-DutselVerbeteringMeidagen 1940 HolsbeekDe meidagen '40 in LeuvenAverbode in 1940SchoonderbukenAchterblad
Oostbrabant 1980-2
Oostbrabantse Werkgemeenschap

115

HET VERHAAL VAN DE MODERNE VLUCHT NAAR EGYPTE

Toen de eerste oorlogsgeruchten over Neerlinter streken, werd de paniek algemeen en heel wat inwoners pakten hebben en houden bijeen, zochten een vervoermiddel en belandden ergens in Vlaanderen en Frans-Vlaanderen of men zocht zijn heil hogerop in Normandië.
Ook de familie Matheus-Willems, die op de Heide woonde, zag de redding in die richting wenken. Mevrouw Matheus is hoogzwanger en met pak en zak trekken zeven personen in één personenwagen naar het Oostvlaamse Sint-Maria-Oudenhove bij familie. Wanneer ze zich daar niet meer veilig wanen, vluchten ze in panieksituatie Frankrijk binnen. Veel oog voor de pracht van Frans-Vlaanderen hebben ze niet, De vliegtuigen, de vluchtende massa en de verwarde geruchten over de toestand in het vaderland zijn veel belangrijker.
Rouen, met zijn petroleumindustrie, gevestigd aan de Seine­oevers van Grand-Couronne, zijn ze net voorbij, als diezelfde nacht een hevig bombardement over de raffinaderijen losbarst. De schrikvlucht gaat verder en 50 km van de vernieling weg komen ze in St-Germain-Villages bij Pont-Audemer (Calvados) aan. En daar God alleen in de hachelijkste momenten het mensenpad kruist, laat hij dit ook nu gebeuren in de vorm van een voorbijlopende zieleherder. De taal van Molière niet zo machtig, vragen ze raad aan deze man, die wonder, o wonder, Vlaams spreekt. Hij is de zoon van een uitgeweken Vlaamse boerenfamilie, die na '14-'18 naar het lokkende Frankrijk is gekomen.
De pastoor zorgt nu vlijtig voor de materiële kant van de zaak. Bij Vlaamse boeren, enkele kilometer buiten het dorp, krijgen ze onderdak. En in de kliniek wordt plaats besproken voor de blijde gebeurtenis. Kortom een droom voor vluchtelingen. De aanstaande moeder wacht thuis af terwijl het mansvolk samen met de boer het landwerk verricht.
Op zaterdag 8 juni 1940 kondigt zich een nieuwe sterveling aan. Men maakt zich klaar om naar de kliniek te vertrekken, maar op het laatste ogenblik breekt over de streek van Pont-Audemer een vreselijk oorlogsgewoel los. Vliegtuigen gooien hun vernietigende lading af, huizen branden en vertrekken heeft nu geen zin meer. 's Avonds laat, met behulp van een plaatselijke vroedvrouw komt kleine Willy ter wereld.
Het is voor Mevrouw Matheus en de boorling een geluk dat men het laatste ogenblik heeft afgewacht, want in die raid wordt het ziekenhuis gebombardeerd. Tussen de puinen van dit gebouw haalt men tientallen doden en vele zwaargewonden. De stad is één verwoesting, het gemeentehuis van Saint-Germain is er niet meer, geen enkele officiële dienst werkt. Willy wordt gedoopt en als klap op de vuurpijl krijgt vader Matheus twee rijkswachters op bezoek die in hem een dienstweigeraar zien en hem dringend aanmanen op maandagmorgen op te trekken.

116
's Anderendaags gaat hij naar liet station en er komt geen trein. Ten einde raad wipt hij bij de pastoor binnen, die hem aanraadt zijn biezen te pakken en dieper Frankrijk in te vluchten. Op 11 juni, om 4 uur trekken nu acht personen verder en komen nabij Moulins in Bretagne terecht waar ze nog een paar weken blijven.
De toestand wordt er niet beter op en net zoals vele anderen gaat men terug naar de Heide. De terugreis verloopt, de omstandigheden in acht genomen, relatief vlot. En op een mooie maandagmorgen gaat de fiere vader zijn zoon bij burgemeester van Neerlinter, P. Beckers, en sekretaris Ceuleers aangeven, Plichtsgetrouw noteert men naam, plaats van geboorte en omstandigheden en de toenmalige gemeente Neerlinter is een inwoner rijker. Willy doorloopt de plaatselijke school, krijgt een identiteitskaart, dient het vaderland en kan voor de beste van de gemeente en het land stemmen, gaat een handel overnemen en trouwen maar... wanneer hij zijn liefje een trouwdatum belooft en voor het nodige gaat uitkijken, komt men tot de bizarre vaststelling dat willy niet eens geboren is. Wel is er een uittreksel uit het doopbewijs terug te vinden, doch noch in Moulins, noch in Saint-Germain-Villages is er ook maar één letter van een aangifte terug te vinden.
Uiteindelijk krijgt hij het klaar om voor het vredegerecht van Zoutleeuw voorlopig 'levend' verklaard te worden en in augustus '69 viert men bruiloftsfeest. Pas in december van datzelfde jaar krijgt men de officiële bevestiging dat hij, die reeds 29 jaar in Neerlinter rondloopt, wel echt en levend is... OF HOE MEN IN NEERLINTER TROUWT VOORALEER MEN GEBOREN IS.
R. Couvreur
Linter